Is er nog gerechtigheid?

Is er nog gerechtigheid? vroeg hij. We zaten in een glazen ruimte, zichtbaar voor de bewakers die in een ruimte niet ver hier vandaan zitten. in de rechterzak van mijn fleece vest heb ik een pieper, in de linkerzak een telefoon. Op beide hoef ik maar op één knop te drukken en ergens gaat er een alarm over. In al die jaren dat ik hier kom heb ik noch het een noch het ander hoeven te gebruiken.
De man die de opmerking plaatste zit rechts naast me en ik hoor de wanhoop in zijn stem. Zijn zaak is berecht en dit betekent jaren zitten en ik denk na over zijn vraag. En ook over het antwoord dat ik zal geven. Deze gespreksgroep is geen bijbelstudiegroep al mogen we wel vanuit onze eigen levensbeschouwing antwoord geven op vragen en dat maakte dat ik zei: “Ja, er is gerechtigheid maar wij mensen maken er wel vaak een potje van.”
Een ander haakte hierop in en zei: “Als er iemand is die boven dit alles staat dan mag hij wel eens aan het werk.”
“Geloof jij dat er iemand is die boven dit alles staat?” vroeg ik hem en het antwoord is verrassend…: “Nee… maar jij suggereert dat wel met jouw antwoord. “
Die zit.
Alsof ik een oortje in heb luister ik ook naar een andere stem en ik vroeg hem: “Hoe denk jij dat het komt dat er zoveel ellende is op aarde?” Hij antwoordde vlot: “dat doen wij mensen, zet maar eens vier groepen mensen op een eiland, geef ze allen wapens mee, na een half jaar is er niets van hen over.”
Ik: “Maar als wij mensen nu eenmaal zo zijn, waarom verlangen wij dan eigenlijk naar gerechtigheid?”
Het bleef een poosje stil en ik zei, dat ik daarom juist in die Hogere Macht geloof.
Hij bleef me nadenkend aankijken en ook de anderen bleven stil en het maakte dat ik nog een stapje verder ging en zei: “En ik geloof ook dat die Hogere Macht liefde is. En dat hij van jou houdt.”
Toen brak de hel los. Houden van, dat kan niet en liefde. Die bestaat niet. Hij maakte zelfs een kotsbeweging, en ik bad: “Heer, alstublieft… geef mij woorden die hij kan begrijpen.”
En dit beeld viel me in en ik gaf het maar door: “stel je eens voor… een eigenaar van een fantastisch automerk. Zijn showroom staat vol met die prachtige auto’s. Wat denk je wat die man doet als hij door zijn showroom loopt? Ik zie hoe hij met zijn hand over de prachtige lak gaat. En het niet kan laten even de motorkap te strelen.”
De man naast me bleef nog steeds stil en het gesprek werd weer wat algemener.
Maar toen het uur om was, zei de man die was blijven nadenken: “Dan gaat het dus om mij”
Zijn woede was weg en ik zag een open blik en zei: “Ik vond het zo bijzonder dat jij zei: “wij mensen zorgen voor het kwaad, want als je dat kunt toegeven ben je wel heel eerlijk. En als je dan ook gaat beseffen dat er een Hogere Macht is die ons gemaakt heeft en die liefde is, dan zul jij vast ook kunnen begrijpen waarom Jezus is gekomen.”
Met de woorden: “Hier gaan we in de cel verder over doorpraten”, nam hij afscheid en ik zag hem heel anders weggaan dan hoe hij was gekomen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.